Logo Ruimtevolk klein

blogs

9 februari 2017 • Jeroen Niemans

De duizelingwekkende waarheid van de energietransitie

De experts zijn het erover eens: de energieopgave vraagt een grootscheepse verbouwing van Nederland waarvan iedereen de gevolgen gaat ervaren. Alles moet uit de kast en wel nu meteen. Maar waar moeten we beginnen?

Het belang en de omvang van de opgave is nauwelijks te overschatten. De moeder aller transitieopgaven wordt onderstreept door de verplichting die 197 landen zichzelf en elkaar in 2015 oplegden in het klimaatverdrag van Parijs. En nu ook de SP, D66 en de Christenunie zich achter de klimaatwet van GroenLinks en de PvdA hebben geschaard, ligt er bij de coalitieonderhandelingen vrijwel zeker een wetsvoorstel op tafel dat harde, afrekenbare milieudoelen stelt. Op zoek naar actiepunten die het nieuwe kabinet meteen na haar aantreden kan aanpakken, kwam op 25 januari een groep experts bij elkaar in Utrecht. De uitkomst was glashelder: onorthodoxe maatregelen zijn onontkoombaar.

Dat het plan voor het duizelingwekkende aantal van 25.000 windmolens op zee in slechts 33% van onze energiebehoefte zal voorzien, spreekt boekdelen. Ter vergelijking: in de provincie Flevoland staan momenteel zo’n 600 moderne windturbines. De energietransitie is een game changer: het gaat de omgeving en levens van iedereen beïnvloeden. Maar tegelijkertijd is het een ‘probleem zonder eigenaar’. De huidige realiteit is dat bedrijven, industrie, maar ook burgers en overheden andere prioriteiten en belangen hebben dan volop aan de slag te gaan met de energietransitie. Energietransitie? Dat is een ver-van-mijn-bedshow, een discussie hoog over ons heen. Hoe krijg je partijen überhaupt zover om tot actie over te gaan, als ze zelf (nog) geen grote noodzaak zien om in beweging te komen?

Haast

‘Wat houdt mensen bezig als ze naar huis rijden van hun werk? Klimaatproblemen? Nee, die zijn echt te abstract’ stelt Michiel Cappendijk in reactie op het essay Next Energy dat Dirk Sijmons schreef in samenwerking met Marco Vermeulen. Na het lezen van dit essay  gaat het je in eerste instantie duizelen. Het essay gaat in op de noodzaak van de energietransitie, kansrijke oplossingsrichtingen, het belang van snelheid in het oppakken van de opgave en de rol van de overheid. Het biedt inzicht in een breed scala aan mogelijkheden die allemaal een steentje bijdragen. Maar los van elkaar zijn ze nauwelijks meer dan druppels op een gloeiende plaat. We moeten alle maatregelen tegelijk inzetten omdat we doelen anders sowieso niet gaan halen. We moeten volgens Dirk Sijmons een ‘marathon op sprintsnelheid’ starten. Het is aan het nieuwe kabinet om de kaders voor deze enorme opgave neer te zetten. Dat vraagt om durf om ook over onorthodoxe maatregelen na te denken. Er is een overheid nodig die zelf het goede voorbeeld geeft en bereid is naar financieringsinstrumenten te kijken.

Expertmeeting Next Energy (25 januari 2017, foto: RUIMTEVOLK)

Lat nog hoger

Wanneer je de opgave probeert te concretiseren in tastbare projecten en maatregelen, blijkt nog maar eens hoe ingewikkeld het vraagstuk is. We zoomen even in op de kansen die energiebesparing biedt – in potentie een hele slimme maatregel, want voor elke Joule die je niet gebruikt, hoeven er drie Joules minder opgewekt te worden. Deze boodschap is helder, iedereen kan ermee aan de slag en deze aanpak is in staat enorme meters te zetten richting een gezonde energiehuishouding. Op gebouwniveau betekent dit dat er elk jaar 300 duizend woningen moeten worden (na)geïsoleerd. En vele duizenden bedrijven moeten hun gebouw en processen zuiniger maken. En dan nog is de som teleurstellend: wanneer we qua energiebesparing alles uit de kast halen, bereiken we maximaal 30% besparing op de energiebehoefte. En zelfs wanneer we tegelijkertijd aan de slag gaan met de eerder genoemde windmolenparken op zee komen we nog steeds niet eens in de buurt. Dit betekent dat we op meerdere borden tegelijk moeten schaken; er moet op álle fronten ontzettend veel gebeuren.

De lat moet dus veel hoger. Bovendien pleiten de experts aan tafel ook voor een dubbeldoelstelling à la Ruimte voor de Rivier. Destijds werd de wateropgave gekoppeld aan ruimtelijke kwaliteit. Dit leverde nieuwe iconen op zoals bij de Waal in Nijmegen. Stel dat we met de energietransitie kunnen bijdragen aan CO2-reductie én verbetering van de leefomgeving. Dat zou de ambitie moeten zijn. Om dat voor elkaar te krijgen, moet de hele ruimtelijke vakwereld z’n schouders onder de energietransitie gaan zetten.  Want de energietransitie biedt interessante nieuwe perspectieven voor ruimtelijke ontwikkeling en transformaties stelt Sjors de Vries in zijn blog. “De energietransitie is met stip dé ruimtelijke opgave. Wanneer de energieopgave wordt gelinkt aan andere opgaven zoals de transities op het platteland, leegstand, gebiedsontwikkeling, wijkontwikkeling, de wateropgave en natuurontwikkeling ontstaan er inhoudelijk interessante meekoppel- en verdienmogelijkheden en worden belangen verenigd” aldus de Vries.

Nationaal programma voor regionale schaal

Om nationale doelen te verwezenlijken, is een gebiedsgerichte aanpak gevraagd. De schaal van de regio is hiervoor uiterst geschikt. Hier werken verschillende overheidslagen samen en er vindt daadwerkelijk verbinding plaats met degenen die het moeten doen. Momenteel lopen er pilots rond regionale energiestrategieën. In zo’n aanpak zijn niet alleen de overheden belangrijk. Ook alle andere stakeholders horen hier aan tafel, zoals het bedrijfsleven, ondernemers, bewoners en belangengroepen. Samen geven zij op regionale schaal uitwerking aan nationale doelen. Het proces moet niet volgordelijk zijn, maar iteratief: het formuleren van nationale doelen en regionale strategieën moet tegelijkertijd plaatsvinden, waarbij ze elkaar continu beïnvloeden. Dit vraagt op zijn beurt om wisselwerking tussen nationale deelprogramma’s (bijvoorbeeld wind op zee) en regionale programma’s.

Wat staat het volgende kabinet dan concreet te doen? Het uitwerken van een concreet en samenhangend beleid voor de energietransitie heeft prioriteit. Wanneer je daar met een ruimtelijke bril naar kijkt, moet je constateren dat de decentrale energieopwekking, de besparingsmaatregelen en de warmte-infrastructuur ieders woonomgeving gaan veranderen en dat daar ruimte voor gemaakt moet worden. Energie ís ruimte. Een koppeling met de kwaliteit van ieders leefomgeving is dan een cruciaal punt om hier een succes van te kunnen maken en het benodigde draagvlak te creëren. De energietransitie vraagt een grootscheepse verbouwing waarvan iedereen de gevolgen gaat ervaren. Wie zelf wel eens zijn huis heeft verbouwd, weet dat de beproeving die iedere verbouwing is, alleen is vol te houden door het perspectief dat het even doorbijten is, maar dat het er daarna wel flink op vooruit zal gaan.

 


Drie boodschappen aan het nieuwe kabinet:


1| Zet meerwaarde centraal:
koppel de energietransitie aan doelstellingen voor ruimtelijke kwaliteit à la Ruimte voor de Rivier. Zo kan de energietransitie bijdragen aan CO2-reductie én verbetering van de leefomgeving


2| Start nationaal programma op regionale schaal:
werk aan energiestrategieën op een schaal die de leefomgeving van mensen raakt: maak als Rijk deze regionale energiestrategieën mogelijk door inzet van financiële middelen, anders komen ze niet snel genoeg van de grond.  


3| Zet parallel in op meerdere ambities
: zet in op besparing (zoals 300.000 woningen na-isoleren per jaar) en op hernieuwbare energiewinning (zoals grootschalige windenergie op zee) en op elektriciteitsproductie (verdere elektrificatie van de samenleving) en op (rest)warmte (systeemkeuze warmtenetten)



Deze blog is geschreven naar aanleiding van een expertsessie ‘Next Energy’ die op 25 januari plaatsvond, naar aanleiding van het essay Next Energy. Deze sessie is georganiseerd om te komen tot 10 boodschappen voor het nieuwe Kabinet, rond de thema’s Next Living, Next Farming, Next Economy en Next Energy. Zie www.wijmakennederland.nl

Foto boven: Peter Dedecker (CC BY-SA 2.0)

Jeroen Niemans

Programmamanager en projectleider
Binnenstedelijke transitie
Ruimtelijke strategieën en Omgevingswet

Jeroen heeft zin in de toekomst en wordt als programmamanager ruimtelijke ontwikkeling en energietransitie bij RUIMTEVOLK gedreven door zijn fascinatie voor plekken en zijn nieuwsgierigheid naar hoe die ontstaan, groeien en zich blijven ontwikkelen. Jeroen werkt graag aan het verbinden van vernieuwing. Door expertise (samen) te brengen, onderzoek te doen en interactieve processen te organiseren. Het hogere doel? Komen tot nieuwe antwoorden, innovatie en handelingsperspectieven. Binnen RUIMTEVOLK werkt Jeroen aan opgaven rondom omgevingsvisies, middelgrote steden en energietransitie. Hiervoor was hij jarenlang werkzaam als programmamanager en projectleider bij Platform31 en daarvoor werkte hij voor een adviesbureau. Daarnaast heeft Jeroen zo ook veel ervaring opgebouwd in het schrijven over en modereren van het vakdebat. Jeroen is op dit moment onder andere projectleider van de Pilots Omgevingsvisie.

www.ruimtevolk.nl